Je hebt je volledig ondergedompeld in de wereld van creativiteit en innovatie. Hoe ben je in deze wereld beland?
Mijn fascinatie voor creativiteit begon eigenlijk al veel eerder dan mijn wetenschappelijke carrière. Als klein meisje zat ik vaak naast mijn opa, die prachtige houten figuren kon snijden. Ik weet nog dat ik me afvroeg: waar haalt hij al die ideeën vandaan? Veel later kreeg ik de kans om precies die vragen wetenschappelijk te gaan onderzoeken via een PhD naar creativiteit. Ik vind het nog steeds ongelooflijk fascinerend dat wij als mensen in staat zijn om iets te bedenken wat er daarvoor nog niet was.
In de loop der jaren is mijn blik hierop steeds breder geworden. Ik begon met de vraag hoe een individu iets nieuws bedenkt, maar inmiddels houd ik me steeds meer bezig met de omstandigheden waarin vernieuwing ook echt kan ontstaan. Want een goed idee alleen is niet genoeg. De omgeving moet het ook mogelijk maken dat zo’n idee ontstaat, wordt uitgesproken en uiteindelijk werkelijkheid wordt.
Daarom kijk ik steeds meer naar de bredere context: teams, leiderschap, organisatiecultuur en uiteindelijk ook onze maatschappij als geheel. Ik doe veel onderzoek, maar ik vind het minstens zo interessant om die wetenschappelijke kennis naar de praktijk te vertalen.
Dat doe je onder meer als docent van onze Postacademische opleiding tot Innovatieprofessional. Waarom heb je deze opleiding in het leven geroepen?
Wat mij in de praktijk steeds meer begon te storen, is dat er enorm veel over innovatie wordt gesproken en dat organisaties er veel tijd, geld en middelen in investeren, maar dat er tegelijkertijd nog heel veel op basis van trial-and-error gebeurt. En daar is op zichzelf niets mis mee: experimenteren hoort bij innovatie. Maar we weten vanuit de wetenschap inmiddels ontzettend veel over innovatie en het is zonde als organisaties die kennis niet benutten.
Er zit bovendien nog iets belangrijks achter deze opleiding: creativiteit en innovatie gaan uiteindelijk altijd ook over gedragsverandering. Mensen moeten het idee omarmen, ernaar gaan handelen en soms bestaand gedrag of bestaande routines loslaten. En juist die combinatie vind ik heel sterk aan deze opleiding.
Rick van Baaren brengt zijn enorme expertise op het gebied van gedragsverandering mee en ik mijn expertise op het gebied van creativiteit en innovatie. Samen kunnen we daardoor het hele traject bekijken: van het ontstaan van iets nieuws tot het daadwerkelijk realiseren en verankeren van verandering. Deelnemers nemen hun eigen innovatievraagstuk mee en leren analyseren aan welke knoppen zij moeten draaien om succesvol te kunnen innoveren.
Met welke vragen komen deelnemers naar de opleiding toe?
De vragen zijn ontzettend divers: de één wil weten hoe je een team creatiever maakt, de ander hoe je innovatie structureel in een organisatie verankert of hoe je mensen meekrijgt in verandering. Juist die diversiteit vind ik fantastisch. Doordat deelnemers uit verschillende sectoren komen, kunnen ze vanuit totaal verschillende werelden naar elkaars vraagstukken kijken en onverwachte invalshoeken zien.
Maar er gebeurt ook iets met de deelnemers zelf, en dat vind ik misschien wel een van de mooiste aspecten van de opleiding. Uiteindelijk is het ontwikkelen van je creatieve en innovatieve vermogen ook een cadeau aan jezelf. Want als je erop vertrouwt dat je nieuwe mogelijkheden kunt zien en oplossingen kunt vinden, hoef je niet voor iedere verandering het antwoord al te hebben. Wat er ook op je pad komt, je weet: ik kan me hiertoe verhouden.
Je nieuwste boek heet ‘Innovatiemindset’. Wat is een innovatiemindset?
Het vermogen om wendbaar te blijven. Om anders te kunnen kijken, denken, voelen en handelen wanneer wat je altijd deed niet meer werkt. Dat betekent niet dat je voortdurend alles moet vernieuwen, maar dat je niet gevangen blijft in bestaande patronen wanneer de situatie om iets anders vraagt.
En daarom vind ik het ook geen vaardigheid voor alleen een innovatiemanager of een paar uitzonderlijk creatieve mensen. Wij noemen het in het boek de nieuwe basisfitheid van de moderne professional. Of je nu docent, verpleegkundige, beleidsmaker, ondernemer of accountant bent: je krijgt te maken met situaties waarin het antwoord niet vooraf vaststaat. Dan heb je wendbaarheid nodig, het vermogen om te blijven leren, te experimenteren en je aan te passen.
Hoofdstuk 1 uit het boek heet ‘Waarom de innovatiemindset onmisbaar is’. Waarom is deze onmisbaar?
Omdat we in een wereld leven die voortdurend verandert, terwijl onze natuurlijke reflex vaak is om bij verandering vooral harder te gaan doen wat we al deden.
In het eerste hoofdstuk gebruiken we daarvoor het beeld van de Rode Koningin uit Alice in Wonderland. Alice en de koningin rennen zo hard als ze kunnen, maar blijven toch op dezelfde plek. Dat zie ik ook heel vaak in organisaties. De druk neemt toe, agenda’s raken voller, er komen meer projecten, meer overleggen, meer plannen; iedereen werkt ontzettend hard. Maar de fundamentele manier waarop we naar een probleem kijken, verandert niet. En dan krijg je dus heel veel beweging, maar niet noodzakelijk vooruitgang.
Precies daar wordt die innovatiemindset onmisbaar. Als het speelveld verandert, kun je niet alleen maar harder rennen; je moet ook in staat zijn om opnieuw naar het speelveld te kijken. Klopt onze aanname nog? Zijn we eigenlijk wel het juiste probleem aan het oplossen? Welke mogelijkheden zien we over het hoofd? Soms moet je dus juist even vertragen, afstand nemen en opnieuw richting bepalen voordat je weer versnelt.
Het klinkt heel nuttig, dat creatieve denken. Maar is dit niet iets dat je ook gewoon in je moet hebben?
Het idee dat je creatief geboren bent of niet, is eigenlijk een van de hardnekkigste mythes over creativiteit. Uit onderzoek weten we dat ieder mens het vermogen heeft om creatief te denken. En belangrijker nog: dat vermogen kun je stimuleren en ontwikkelen.
Creativiteit zit namelijk ook in heel alledaagse dingen. Iedere keer dat je een probleem op een nieuwe manier oplost, of bestaande kennis op een nieuwe manier combineert, gebruik je dat creatieve vermogen. Natuurlijk verschillen mensen van elkaar en zal niet iedereen de volgende Einstein worden. Maar dat is ook helemaal niet de relevante lat. Voor de meeste mensen en organisaties zit juist enorm veel waarde in die alledaagse creativiteit. En die kun je trainen en versterken.
In je boek gaat het over intuïtie. Is dit ook te trainen?
Daar doen we soms een beetje mysterieus over. Er zijn mensen die een bijzonder goed onderbuikgevoel hebben. Maar intuïtie ontstaat ook voor een deel uit ervaring en expertise. Als je heel veel situaties hebt meegemaakt, bouw je ervaring op. Daardoor kun je soms iets aanvoelen voordat je het rationeel helemaal kunt uitleggen. Een ervaren arts, brandweerman of ondernemer ziet bijvoorbeeld signalen die iemand zonder die ervaring nog helemaal niet ziet. Wat voelt als een plotseling inzicht, heeft dus vaak een hele geschiedenis.
Intuïtie is bij innovatie ontzettend belangrijk. Als je iets werkelijk nieuws doet, heb je per definitie nog niet alle informatie en kun je niet alles vooraf bewijzen. Soms begint vernieuwing met niet veel meer dan een vermoeden of het gevoel: hier zit iets. Intuïtie geeft je dan niet het volledige antwoord, maar kan wel aangeven waar het de moeite waard is om verder te zoeken. Voor mij vullen intuïtie en rationeel denken elkaar aan. Je intuïtie kan zeggen: hé, hier zit iets, kijk hier eens naar. Vervolgens kun je het met je analytische vermogen verder uitwerken.
Op welke momenten in je dagelijks leven merk je zelf iets van de innovatiemindset?
Vooral op momenten dat ik zelf onder druk sta of moe ben, schiet ik makkelijker terug in oude manieren van denken en handelen. Het verschil is misschien dat ik die reflexen inmiddels sneller herken en kan denken: wacht eens even, ben ik eigenlijk nog wel de goede kant op aan het rennen? Soms helpt het dan juist om even niets op te lossen, afstand te nemen of mezelf te dwingen het probleem vanuit een ander perspectief te bekijken.
Maar waar ik misschien nog wel het meest de vruchten van pluk, is dat die innovatiemindset me een bepaalde rust heeft gegeven. Een soort gelatenheid, maar dan in de positieve zin. Ik hoef niet altijd vooraf te weten wat het antwoord is.
Dat vind ik heel bevrijdend. We proberen in het leven vaak zekerheid te creëren door alles vooruit te denken en onder controle te krijgen. Maar die zekerheid bestaat natuurlijk maar ten dele. Er komen altijd dingen op je pad die je niet had voorzien. Een innovatiemindset geeft mij dan het vertrouwen: ik weet nu misschien nog niet wat ik moet doen, maar ik vertrouw erop dat ik een manier zal vinden om me ertoe te verhouden.